Wicca

Handvasting

De wiccaanse huwelijksceremonie, waarbij de handen worden samengebonden.

Handvasting, in het Engels handfasting, is in wicca en andere heidense tradities een verbintenisceremonie: een huwelijk of een belofte tussen partners. Het bekendste onderdeel is het samenbinden van de handen van de partners met een koord of lint, als zichtbaar teken van de band die ze aangaan.

Het woord gaat terug op oude Europese gebruiken, vooral in Schotland en Noord-Engeland, waar handfasting verwees naar een verloving of een huwelijk dat werd bezegeld door elkaars hand te pakken, soms zonder priester. In de twintigste eeuw nam de moderne heidense beweging het woord en de ceremonie op, en gaf ze een eigen vorm.

Een handvasting wordt vaak in een cirkel gehouden, buiten, met de vier elementen en de richtingen aangeroepen. De partners spreken beloften uit die ze vaak zelf schrijven. Soms is de verbintenis voor een jaar en een dag, waarna het paar kan kiezen om door te gaan, soms voor dit leven, en soms voor dit leven en daarna. De kleuren van de koorden hebben vaak een betekenis. Beltane, op 1 mei, is een geliefde tijd voor handvasting, omdat het feest om vruchtbaarheid en verbintenis draait. Ook het springen over een bezem wordt soms gedaan, een gebruik dat ook in andere culturen bij huwelijken bekend is.

Voor dromen is handvasting een beeld van verbintenis. Een droom waarin je handen worden samengebonden, waarin je beloften uitspreekt in een cirkel of in de natuur, of waarin je over een drempel springt, kan in wicca-lezingen zo gelezen worden: een band die je aangaat, of een belofte die je aan jezelf doet.

Wicca kent geen centrale leer; hoe een handvasting eruitziet, verschilt per traditie, coven en paar.

Verwante begrippen