Hindoeïsme

Karma

De wet van oorzaak en gevolg: daden hebben gevolgen, in dit leven en volgende.

Karma is een Sanskrietwoord dat letterlijk daad of handeling betekent. In het hindoeïsme, en ook in het boeddhisme en het jaïnisme, staat het voor de wet van oorzaak en gevolg: elke daad, elk woord en zelfs elke bedoeling laat een spoor na, dat vroeg of laat vrucht draagt. Goede daden brengen goede gevolgen, schadelijke daden schadelijke.

Karma is geen straf of beloning die door een rechter wordt uitgedeeld, maar een natuurlijke wetmatigheid, vergelijkbaar met een zaadje dat opkomt. De gevolgen kunnen zich in dit leven laten zien, maar volgens de traditie ook in een volgend leven. Zo is karma verbonden met samsara, de kringloop van geboorte en wedergeboorte: wat je doet, bepaalt mede in welke omstandigheden je terugkeert.

De Bhagavad Gita voegt daar een belangrijk idee aan toe: karma yoga, het handelen zonder gehechtheid aan de vruchten. Krishna leert Arjuna dat je je plicht moet doen zonder je te laten leiden door winst of verlies. Wie zo handelt, bindt zich niet verder aan de kringloop.

In droomduiding speelt karma op twee manieren. Sommige teksten zien dromen als een plek waar oude indrukken, samskara's, naar boven komen: sporen van eerdere daden en ervaringen. Een terugkerende droom kan in dat licht gelezen worden als iets wat nog verwerkt wil worden. Anderzijds kan een droom gelezen worden als aansporing: een beeld dat je wijst op wat je doet en wat daaruit voortkomt.

Karma wordt in het Westers taalgebruik vaak versimpeld tot wat je geeft, krijg je terug. In de traditie is het rijker: het gaat om bewustzijn van je handelen, niet om angst voor straf. Op Dreamkin lezen we dromen in die geest, als uitnodiging en niet als oordeel.

Verwante begrippen