Santería

Changó

De Orisha van donder, vuur en dans.

Changó is de Orisha van donder, bliksem, vuur, drums en dans. Hij staat voor kracht, passie en rechtvaardigheid, en wordt verbonden met rood en wit en met de dubbele bijl.

Changó is volgens de overlevering een vergoddelijkte koning van Oyo, de machtige Yoruba-stad in het huidige Nigeria. In de patakí is hij charmant, trots, gevat en driftig: een geweldige danser en trommelaar, en een krijger die niemand vreest behalve de doden. Zijn getal is zes, zijn wapen de oshé, een dubbele bijl, en hij wordt in Cuba verbonden met Santa Bárbara, die ook in rood en wit wordt afgebeeld en met bliksem wordt verbonden. De batá-trommels, die in veel ceremonies worden bespeeld, worden volgens de overlevering met hem verbonden.

Zijn verhalen gaan vaak over liefde en jaloezie, vooral met Ochún en Oyá, en over rechtvaardigheid: wie liegt of onrecht doet, kan zijn bliksem verwachten. Daarom wordt hij aangeroepen bij rechtszaken en conflicten. Een droom met rood en wit, drums, een dubbele bijl of een heftige storm wordt door beoefenaars soms met hem verbonden, meestal als een beeld van kracht, passie of een waarheid die aan het licht komt.

Op 4 december, de feestdag van Santa Bárbara, vieren veel beoefenaars in Cuba en de diaspora Changó met trommels, dans en rode en witte kleding. Wie in Santería voor Changó wordt ingewijd, draagt vaak een ketting van rode en witte kralen, een eleke, als teken van zijn band met de orisha.

Dromen over onweer, vuur of drums worden in Santería soms met Changó verbonden. Of Changó bij iemand hoort, wordt binnen de traditie via divinatie en inwijding vastgesteld, nooit uit een droom.

Verwante begrippen